22ah777 na opknappen nog enkele vragen over het afregelen.

Receivers, grammofooncombinaties en casseivers; allemaal schitterende all-in-one hifi apparaten van Philips. Hier alle spannende combiverhalen!

Moderator: Moderators

Plaats reactie
Raymond thijssen
Berichten: 6
Lid geworden op: 29 jun 2013, 21:00

27 nov 2013, 01:46

Hallo allemaal.

Ik ben nieuw op dit forum, maar heb gelukkig al veel nuttige informatie kunnen vinden op dit forum wat betreft het opknappen van een bandrecorder N4520. Dit dankzij jullie allemaal. Later hier meer over.

Nu heb ik van mijn vader de 22Ah777 versterker compleet vernieuwd met nieuwe elco's, eindtrap en drivers. Ook de schakelaars en knoppen zijn gereinigd. De versterker doet het verder weer prima, maar de ruststroom is nog te laag en moet ik afregelen.

Volgens de service manual dient dit te gebeuren met potmeter 3631. Dit gemeten over de weerstanden R3641 en R3643. Dit is nog duidelijk.

De offset valt binnen de grens van 75mV.

Nu mijn vraag:

Nu begrijp ik niet waar potmeter 3607 voor dient. Wat wordt hiermee ingesteld en hoe moet dit gebeuren en waar moet over gemeten worden?

De rode voltages zijn AC spanningen bij volle belasting. De zwarte zijn de DC spanningen tijdens rust.

De afbeelding is alleen van de linker kanaal. Helemaal links komt het signaal van de toonregeling binnen. De rest wat verder niet wordt weergeven in de afbeelding is niet belangrijk. Deze zijn voor hoofdtelefoon, MFB en zo te zien DC beveiliging.

Alvast bedankt voor het meedenken.

Afbeelding
Gebruikersavatar
Remi
Berichten: 9952
Lid geworden op: 16 jun 2005, 20:04
Locatie: bij Arnhem

27 nov 2013, 12:27

Hier wordt kennelijk ook de ruststroom in de drivertrap vóór de eindtrap ingesteld op 3mA in dit geval.
Wel apart, heb dit nog niet eerder gezien.
"Hoezo nu wel genoeg? D'r is toch nog plek!" jaja, waar dan? "Ha! d'r kan nog wat in de auto!"
Gebruikersavatar
Henk D
Berichten: 261
Lid geworden op: 14 sep 2007, 22:12

27 nov 2013, 13:58

Raymond, welkom op dit gezellige forum.

De driver is T7615. Stroom door deze transistor wordt met R3607 ingesteld, kan gemeten worden over z'n emitterweerstand (3mAx22Ohm~66mV). Offset op uitgang hangt samen met deze instelling, dus waarde hierna weer even controleren. Ruststroom van eindtrap hangt ook af van deze instelling, dus deze ook daarna controleren/aanpassen.

Standaard recept van Philips was een 'gebootstrapte' weerstand in het collectorcircuit van de driver. Omdat deze weerstand ook de stroom door de drivertrap vastlegt, is er geen aparte instelling voor nodig.
Bij de 777 is e.e.a. wat luxer uitgevoerd met een meegestuurde actieve belasting. Omdat aansturing van driver en actieve belasting opgebouwd zijn met discrete verschilpaartjes die onderling wat kunnen afwijken, kan de stroom door de driver ook nogal wat afwijken en vereist dus een afregeling.
Raymond thijssen
Berichten: 6
Lid geworden op: 29 jun 2013, 21:00

27 nov 2013, 20:19

Bedankt alvast voor de reacties. Zeker de uitleg van Henk is erg nuttig om beter te begrijpen hoe het nu precies in zijn werk gaat.

Mijn dagelijkse bezigheden zijn het repareren van inverters, converters, voedingen en professionele accu laders. Helaas heb ik met versterkers weinig ervaring en kennis. Vandaar een steuntje in de rug wel nodig is.


Wat betreft de instelling van R3607. De instelling heeft dus niets te maken met T7611 ?

Moet de instelling van de driver (T7615) met behulp van R3607 ook gedaan worden zonder volume (versterker in rust) net zoals de ruststroom van de eindtrap?
Gebruikersavatar
Henk D
Berichten: 261
Lid geworden op: 14 sep 2007, 22:12

27 nov 2013, 21:03

Direct heeft de stand van R3607 geen invloed op de stroom door T7611, indirect nml. via de globale terugkoppeling over R3623/3625 echter wel. Dit gaat als volgt: stel dat de loper van R3607 richting T7601 gedraaid wordt, de stroom door deze transistor wordt dan groter met als gevolg dat de stroom door driver T7615 ook groter wordt. De spanning op de basissen van de eindtrap zal dan dalen, de uitgangsspanning zal dan ook dalen en via R3623/3625 wordt deze (DC!) spanningsdaling 1:1 (dus zonder verzwakking wat voor AC wel het geval is) aan de basis van T7603 doorgegeven worden zodanig dat het effect van de veranderde instelling gecompenseerd wordt. Echter: het bovenste NPN paar (T7605/7607) krijgt dezelfde veranderde verschilspanning als het onderste paar aangeboden, de stroom door T7607 zal daarom afnemen terwijl die door T7605 toeneemt en dus uiteindelijk door T7611 ook.

Instelling van R3607 moet inderdaad plaatsvinden zonder ingangssignaal. En evenals voor de ruststroom nadat er een thermisch evenwicht opgetreden is.
esgigt
Berichten: 3802
Lid geworden op: 22 feb 2013, 15:13
Locatie: ergens in Zuid-holland

28 nov 2013, 02:22

Ik moest even goed kijken...

De ingangstrap (spanningsversterker) van de versterker wordt gevormd door twee complementaire stroomspiegels, T7605/T7607 en T7601/T7603. Die constructie dient om ondermeer een lage vervorming en goede lineairiteit in de spanningsversterker te realiseren.

Om een goede balans tussen de twee signaalhelften te krijgen, dient R3607 (pot 220 Ohm). Die balans is volgens mij af te meten aan de offset spanning aan de uitgang van de versterker. Die staat op 0V (+/- 75 mV) gespecificeerd.

Wel jammer dat die mooie eindtrap ver buiten zijn S.O.A. gejaagd kan worden. :roll:
CD880, FT880, RH544, PM2519, BX510A, 22RH720, GA312 (Aristona) ;)
Gebruikersavatar
Henk D
Berichten: 261
Lid geworden op: 14 sep 2007, 22:12

28 nov 2013, 19:55

De ingangstrap (spanningsversterker) van de versterker wordt gevormd door twee complementaire stroomspiegels, T7605/T7607 en T7601/T7603.
Huh, stroomspiegels? Kun je dat uitleggen? Volgens mij zijn het nml. toch echt verschilversterkers (differential pairs).
Om een goede balans tussen de twee signaalhelften te krijgen, dient R3607 (pot 220 Ohm).
De balans tussen de signaalhelften wordt hoofdzakelijk verzorgd door de tegenkoppeling zoals ik al eerder heb proberen duidelijk te maken. Als ook in het schema aangegeven dient R3607 voor de (klasse A) instelstroom door de drivertrap.
Raymond thijssen
Berichten: 6
Lid geworden op: 29 jun 2013, 21:00

28 nov 2013, 22:21

Het is me nu duidelijk hoe ik de driver T7615 moet afregelen.

Mij lijkt de logische volgorde van afregeling:

1. voor de zekerheid eerst potmeter R3631 dicht draaien zodat de ruststroom door de eindtrap niet te hoog wordt.

2. Potmeter R3607 instellen zodat er over de emitterweerstand van T7615 66mV valt.

3. Dan de rustroom instellen door R3631 te regelen zodat ik over de weerstanden R3641 en R3643 zo'n 20mV meet. Dit volgens de manual. Natuurlijk ook nameten en eventueel corrigeren na een tijdje aan staan van de versterker.

4. Daarna offset controleren.

Toen ik dit schema voor het eerst zag leek mij potmeter R3607 alleen voor de offset spanning te zijn. Hiermee om de offset spanning beter op 0V te krijgen.

Dit blijkt dus niet simpelweg zo te zijn.

Overigens heb ik de drivers T7617 en T7621 vervangen door BD139 en BD140. Dit omdat de originele stuk was en niet meer aan te komen was.
De eintrap heb ik vervangen door MJ15003 en MJ15004. De originele was ook niet meer leverbaar.
esgigt
Berichten: 3802
Lid geworden op: 22 feb 2013, 15:13
Locatie: ergens in Zuid-holland

02 dec 2013, 02:01

Henk D schreef:differential pairs
Yep... je hebt gelijk.
CD880, FT880, RH544, PM2519, BX510A, 22RH720, GA312 (Aristona) ;)
Gebruikersavatar
Henk D
Berichten: 261
Lid geworden op: 14 sep 2007, 22:12

02 dec 2013, 11:13

Ik zat me toch nog wel af te vragen wat de overweging was geweest van de ontwerper om de ingangstrap dubbel en complementair uit te voeren; als het immers alleen om de openlus versterking te doen was geweest was het eenvoudiger geweest om een enkele verschiltrap en een stroombron te nemen, maar de emitterweerstanden te verkleinen en/of de collectorweerstand te vergroten. Dit zou immers wat componenten en een extra afregeling schelen en dus goedkoper zijn in produktie.

Maar volgens mij zit het voordeel van de dubbele trap in het groot-signaal gedrag: een enkele trap + stroombron leidt tot asymmetrisch slew gedrag omdat de eindtrap wel snel aangestuurd kan worden bij een neergaande flank in geval van een NPN driver, maar dat de stijgtijd van een opgaande flank begrensd wordt door de stroom die de (PNP) stroombron levert en de capaciteit die op de ingang van de eindtrap aanwezig is. Door de hele ingangstrap (verschilpaar + driver) nu dubbel uit te voeren zijn de opgaande en neergaande flank in principe even snel en symmetrisch.

Zo redenerend is een andere manier (naast het meten van DC instelstromen) om na te gaan of de ruststromen van driver en eindtrap goed ingesteld staan de volgende:
- luidspreker vervangen door dummy weerstand met juiste weerstandswaarde en vermogen
- scoop aansluiten op basis T7617 / T7621
- sinusgenerator aansluiten op ingang versterker
Bij volledige uitsturing en hoogste ingangsfrequentie mogen er nu geen sprongen / stappen in het scoopbeeld zichtbaar zijn.

Waar overigens dan wel weer op bezuinigd is bij de 777, is het protectiecircuit. De gebruikelijke stroommeting over de emitterweerstanden van de eindtrap ontbreekt zodat een kortsluiting van de uitgang wel eens destructief zou kunnen uitpakken.
Raymond thijssen
Berichten: 6
Lid geworden op: 29 jun 2013, 21:00

15 dec 2013, 15:30

Nu Sinterklaas weer een tijdje terug is naar Spanje heb ik inmiddels de tijd genomen om alle uitleg van jullie te bestuderen. Ik ben er al een heel eind mee gekomen. Hartelijk dank.

De versterker heb ik meegenomen naar mijn werk waar er meer goede meters beschikbaar waren. Ik heb meteen een foto gemaakt van de opstelling. (is altijd leuk om te zien)

Afbeelding

Omdat ik wist dat na het opknappen van deze versterker (voornamelijk reinigen en alle elco's en de eintrap met zijn drivers vervangen) de versterker werkte, heb ik deze gewoon aangezet met de volume op nul.

Ik heb de mV meters zo aangesloten dat ik alles goed in de gaten kon houden. Volgens Henk heeft het afregelen van potmeter 3607 invloed op de rustroom van de eintrap en offset op de uitgang.

Dit blijkt in ieder geval te kloppen. Wel minder dan ik verwacht had.

Ik heb de meters aangesloten op de volgende punten:

1. Luidspreker uitgang (voor offset)
2. R3641 (rustroom eindtrap)
3. R3643 (rustroom eindtrap)
4. R3635 emiter weerstand van 7615 (rustroom driver 7615)

Ik heb gewacht tot de spanningen niet meer opliepen en de versterker thermisch in evenwicht was.

Het viel me op dat de rustroom van de driver vrij hoog stond. 120mV. Terwijl er naar mijn weten nooit aan gedraaid is geweest. Wel is er vroeger door een reparatiebedrijf een nieuwe driver geplaats. (dus je weet maar nooit)

Hier een overzicht van de metingen:

Voor het afregelen
R3635: 120mV (emitter weerstand van 7615)
R3641: 1,2mV
R3643: 1,3mV
Offset: 39,5mV

Na het afregelen
R3635: 67,1mV (emitter weerstand van 7615)
R3641: 21,9mV
R3643: 20,5mV
Offset: 47,2mV


Alles blijft stabiel en er wordt niets warm. Alles lijkt nu volgens de service manual goed te staan.

Mij gaat het niet allemaal alleen om de versterker weer goed te krijgen, maar vooral ook om wat meer ervaring op te doen.

Ben een echte Philips liefhebber en ben bezig met het opknappen van diversen apparaten die door mijn vader in de jaren 70 zijn aangekocht. Deze komen in zijn nieuw ingerichte muziek kamer zoals:

Platenspeler: 22AF777
Bandrecorder: N4520
Versterler: 22AH777 + speakers
Radio/casettendeck: D8718

Nu ben ik een perfectionist en wil het graag 100% weten of alles klopt. Daarom heb ik nog de volgende vragen over deze eindtrap:

1. Gezien de metingen zit er een klein beetje verschil in de rustroom over de emiterweerstanden van de eindtrap. Klopt het
dat dit afhankelijk is van de versterkingsfactor van de eindtransistoren 7619, 7623 of de drivers hiervan 7617, 7621 en is
dit het resultaat van een offset die niet helemaal 0V is?

2. Hebben de instelgegevens van de service manual van invloed als de eintrap met zijn drivers niet de originele zijn of is dit
meer afhankelijk van de gebruikte weerstanden?

3. Als laatste wil ik graag weten of er met de scoop nog meer meetpunten zijn om de rustroom bijvoorbeeld in de eindtrap
te meten of er zeker geen crossoververvorming aanwezig is. Dit zou te maken hebben met een te lage rustroom.

Hieronder heb ik wat metingen gemaakt met de scoop zoals Henk ook al eerder opnoemde. Ook heb ik de luidspreker uitgang gemeten. Dit allemaal met maximale volume. Volgens de service manual moet er een signaal worden aangesloten van 1kHz/150mV. Dit heb ik ook gedaan met een simpele audio generator.

Afbeelding

Hier is nogmaals het schema van de eindtrap.

Afbeelding

De zwarte spanningen zijn de DC spanningen is rust.
De rode spanningen zijn AC spanningen met maximale volume. (input 1kHz/150mV)
Henk D schreef:Waar overigens dan wel weer op bezuinigd is bij de 777, is het protectiecircuit.
De weerstanden R3669, R3671 en R3635 zijn veiligheids weerstanden volgens de manual en er zitten natuurlijk zekeringen tussen de voedingslijnen.
Ook is de eerste lijn die naar beneden loopt tussen die emitterweerstanden (R3641, R3643) een beveliging. Deze loopt naar een protectcircuit waar de luidsprekers worden afgeschakeld. Het lijkt mij een beveiliging als er teveel DC op de uitgang komt te staan. (helaas is dit circuit niet zichtbaar op de afbeelding)

Zijn deze beveiligingen dan niet voldoende?

In ieder geval weer bedank voor de aandacht en hopelijk worden mijn vragen beantwoord en hebben meer mensen er wat aan.
Gebruikersavatar
Henk D
Berichten: 261
Lid geworden op: 14 sep 2007, 22:12

17 dec 2013, 20:50

Mooi dat het afregelen gelukt is. Nog wat kleine kanttekeningen:
-
Na het afregelen
R3635: 67,1mV (emitter weerstand van 7615)
R3641: 21,9mV
R3643: 20,5mV
Offset: 47,2mV
Naar het schema kijkend staat het metersymbool over R3641 en -43 getekend. Dat betekent volgens mij dat de spanning van 20mV over de serieschakeling van beide emitter weerstanden bedoeld is. De ruststroom is in dat geval 40mA terwijl als de spanningsval 20mV per weerstand is de ruststroom op 80mA ingesteld staat.
-
Gezien de metingen zit er een klein beetje verschil in de ruststroom over de emitterweerstanden van de eindtrap. Klopt het dat dit afhankelijk is van de versterkingsfactor van de eindtransistoren 7619, 7623 of de drivers hiervan 7617, 7621 en is dit het resultaat van een offset die niet helemaal 0V is?
Verschillen in HFE en Vbe van transistoren in de eindtrap worden voor een zeer groot gedeelte gecompenseerd door de grote openlus versterking van de stuurtrap. Offset op de uitgang wordt in eerste instantie veroorzaakt door onbalans in de beide verschilparen van de stuurversterker. Maar een spanningsverschil over de emitterweerstanden kan ook veroorzaakt worden door tolerantie van deze weerstanden zelf.
-
Hebben de instelgegevens van de service manual van invloed als de eindtrap met zijn drivers niet de originele zijn of is dit meer afhankelijk van de gebruikte weerstanden?
Als je hier bedoelt of de instelgegevens gerelateerd zijn aan de gebruikte transistoren in de eindtrap dan is het antwoord hierop bevestigend. Stel b.v. dat de HFE lager ligt dan moet de ruststroom van de drivertrap op een hogere waarde ingesteld worden om de eindtrap onder alle omstandigheden volledig te kunnen uitsturen.
-
Als laatste wil ik graag weten of er met de scoop nog meer meetpunten zijn om de ruststroom bijvoorbeeld in de eindtrap te meten of er zeker geen crossoververvorming aanwezig is.
Als de spanningsvorm op de basis van T7617 en -21 bij volledig uitsturing correct is, moet de rest ook in orde zijn. Het heeft dan meer zin om andere punten (slewgedrag, stabiliteit, puls- en frequentierespons, brom, ruis...) te controleren.
-
Ook heb ik de luidspreker uitgang gemeten. Dit allemaal met maximale volume.
Ik neem aan met een geschikte dummyload van 4 Ohm? Anders is deze meting weinig zinvol.
-
Zijn deze beveiligingen dan niet voldoende?
Het relais circuit heeft twee functies: * vertraagd inschakelen van de eindtrap en * aangesloten luidspreker(s) beschermen tegen destructieve DC stromen. Dit circuit doet echter niets tegen kortsluiting van de uitgang terwijl een groot ingangssignaal wordt aangeboden (niet geheel ondenkbaar overigens). In dit laatste geval zal waarschijnlijk een van de twee 3.15A zekeringen waarmee elke eindtrap afzonderlijk beveiligd is doorbranden. Maar dit zijn T type zekeringen (T van traag). Tijdens het doorbranden van de zekering kan de eindtrap zelf ook komen te overlijden. En was (een gedeelte van) de eindtrap al niet eens vervangen?
Raymond thijssen
Berichten: 6
Lid geworden op: 29 jun 2013, 21:00

22 dec 2013, 13:48

Henk D schreef:Naar het schema kijkend staat het metersymbool over R3641 en -43 getekend. Dat betekent volgens mij dat de spanning van 20mV over de serieschakeling van beide emitter weerstanden bedoeld is. De ruststroom is in dat geval 40mA terwijl als de spanningsval 20mV per weerstand is de ruststroom op 80mA ingesteld staat.
Je hebt helemaal gelijk Henk. Ik heb vaker gelezen dat de ruststroom het best over de emitterweerstanden van de eindtrap gemeten kan worden. Dit staat ook in het schema aangegeven. Ik heb me blijkbaar vergist door het pijltje waar het meetpunt van de offset wordt aangegeven in het schema. Ik meende hierdoor dat er per weerstand gemeten moest worden.

Bedankt voor de oplettendheid.

Ik zal deze opnieuw afregelen en met de scoop op het werk nog eens controleren op crossoververvorming.

Henk D schreef:Verschillen in HFE en Vbe van transistoren in de eindtrap worden voor een zeer groot gedeelte gecompenseerd door de grote openlus versterking van de stuurtrap. Offset op de uitgang wordt in eerste instantie veroorzaakt door onbalans in de beide verschilparen van de stuurversterker. Maar een spanningsverschil over de emitterweerstanden kan ook veroorzaakt worden door tolerantie van deze weerstanden zelf.
Waarom wordt dan eigenlijk in de High End wereld zo precies gekeken naar het paren van PNP en NPN eindtorren en waarschijnlijk ook de drivers hiervan met precies dezelfde eigenschappen?
Liefst met een transistor curve-tracer of scoop.
Henk D schreef:Als je hier bedoelt of de instelgegevens gerelateerd zijn aan de gebruikte transistoren in de eindtrap dan is het antwoord hierop bevestigend. Stel b.v. dat de HFE lager ligt dan moet de ruststroom van de drivertrap op een hogere waarde ingesteld worden om de eindtrap onder alle omstandigheden volledig te kunnen uitsturen.
Ik denk dat dit bij mij wel zal mee vallen gezien er niet zo'n groot verschil in de componenten zit.

Origineel: BD417/BD418 (drivers)
Maximum collector power dissipation (Pc), W: 2
Maximum collector-base voltage |Ucb|, V: 80
Maximum collector-emitter voltage |Uce|, V: 80
Maximum emitter-base voltage |Ueb|, V: 5
Maximum collector current |Ic max|, A: 1
Maksimalna temperatura (Tj), °C: 150
Transition frequency (ft), MHz: 75
Forward current transfer ratio (hFE), min: 80-300

Vervanging: BD139-10/BD140-10 (drivers)
Maximum collector power dissipation (Pc), W: 12
Maximum collector-base voltage |Ucb|, V: 80
Maximum collector-emitter voltage |Uce|, V: 80
Maximum emitter-base voltage |Ueb|, V: 5
Maximum collector current |Ic max|, A: 1
Maksimalna temperatura (Tj), °C: 150
Transition frequency (ft), MHz: 50
Forward current transfer ratio (hFE), min: 63-160

Origineel: BD313/BD314 (eindtransistoren)
Maximum collector power dissipation (Pc), W: 150
Maximum collector-base voltage |Ucb|, V: 60
Maximum collector-emitter voltage |Uce|, V: 80
Maximum emitter-base voltage |Ueb|, V: 5
Maximum collector current |Ic max|, A: 10
Maksimalna temperatura (Tj), °C: 200
Transition frequency (ft), MHz: 4
Forward current transfer ratio (hFE), min: 25

Vervanging: MJ15003/MJ15004 (eindtransistoren)
Maximum collector power dissipation (Pc), W: 200
Maximum collector-base voltage |Ucb|, V: 140
Maximum collector-emitter voltage |Uce|, V: 140
Maximum emitter-base voltage |Ueb|, V: 5
Maximum collector current |Ic max|, A: 20
Maksimalna temperatura (Tj), °C: 200
Transition frequency (ft), MHz: 2
Forward current transfer ratio (hFE), min: 25

Eigenlijk is het dan beter om de scoop te gebruiken om de rustroom in te stellen zodat crossoververvorming niet meer zichtbaar is op de scoop en daarna de ruststroom controleren of deze niet al te veel afwijkt van de manual.
Henk D schreef:Als de spanningsvorm op de basis van T7617 en -21 bij volledig uitsturing correct is, moet de rest ook in orde zijn. Het heeft dan meer zin om andere punten (slewgedrag, stabiliteit, puls- en frequentierespons, brom, ruis...) te controleren.


Gezien de versterker voorzien is van nieuwe elco's, drivers en eindtorren lijkt het me alleen nodig om de crossoververvorming te controleren. Ik weet dat de versterker verder goed werkt en niet warm wordt enz.

Ik dacht dat de crossoververvorming pas na de drivers T7617 en T7621 mogelijk aanwezig is en dat deze bij lage volume zichtbaar is op de scoop. Dit gemeten op de speaker uitgang?
Henk D schreef:Ik neem aan met een geschikte dummyload van 4 Ohm? Anders is deze meting weinig zinvol.
Inderdaad dit was ik vergeten te vertellen. Ik heb een weerstand genomen van 3,9R/50W (bevestigd op koelprofiel)
Henk D schreef:Het relais circuit heeft twee functies: * vertraagd inschakelen van de eindtrap en * aangesloten luidspreker(s) beschermen tegen destructieve DC stromen. Dit circuit doet echter niets tegen kortsluiting van de uitgang terwijl een groot ingangssignaal wordt aangeboden (niet geheel ondenkbaar overigens). In dit laatste geval zal waarschijnlijk een van de twee 3.15A zekeringen waarmee elke eindtrap afzonderlijk beveiligd is doorbranden. Maar dit zijn T type zekeringen (T van traag). Tijdens het doorbranden van de zekering kan de eindtrap zelf ook komen te overlijden. En was (een gedeelte van) de eindtrap al niet eens vervangen?
Ik had inderdaad al gezien dat het relais voor de DC beveiliging zorgt en voor het vertraagd inschakelen van de eindtrap.

En ja. De eindtrap en drivers zijn een keer vervangen geweest. Dit was geheel mijn schuld toen ik in mijn tienerjaren de versterker van mijn vader had gebruikt en kortsluiting had gemaakt met de speaker uitgang. Kan ook zijn dat ik toen te veel speakers parallel had geschakeld. Dat weet ik niet meer precies.
Gebruikersavatar
Henk D
Berichten: 261
Lid geworden op: 14 sep 2007, 22:12

22 dec 2013, 22:27

Waarom wordt dan eigenlijk in de High End wereld zo precies gekeken naar het paren van PNP en NPN eindtorren en waarschijnlijk ook de drivers hiervan met precies dezelfde eigenschappen?
Het versterkerontwerp bepaalt hoe kritisch de ongelijkheid van een complementair paar mag zijn. Ik kan me voorstellen dat voor ontwerpen met een kleine openlus versterking c.q. een lage tegenkoppelfactor de transistoren gepaard moeten worden. Voor een consumentenproduct dat in grote aantallen loopt, is het ontwerp bij voorkeur zo min mogelijk kritisch met een minimaal aantal instelpotmeters en zo goedkoop mogelijk qua componenten. Zo kan ik me ook voorstellen dat de extra afregeling voor de driverstroom de ontwerper door de productieafdeling niet in dank is afgenomen.
Ik dacht dat de crossoververvorming pas na de drivers T7617 en T7621 mogelijk aanwezig is en dat deze bij lage volume zichtbaar is op de scoop.
Crossover vervorming treedt op als er een "dode" zone is tussen het overnemen van de pnp darlington door zijn npn tegenvoeter en v.v. Dit overgangsgebied is het duidelijkst zichtbaar op de ingang van de eindtrap (bases T76170-21). Door de tegenkoppeling zal deze sprong/stap op de uitgang gereduceerd worden. De grootte van de stap is onafhankelijk van het volume, de relatieve grootte zal natuurlijk wel afnemen bij grotere uitsturing.
Plaats reactie